Het kruistochtargument

img_3132

Iedere keer als het Westen geconfronteerd wordt met de wreedheid van de “Islamitische Staat”, met de massa-executies, met de onthoofdingen, uitgevoerd met slagersmessen, met de openbare verbranding van levende mensen, met het gooien van homoseksuelen van hoge gebouwen, het stenigen op straat en al die andere barbaarse misdaden, vastgelegd op westerse technische apparatuur en in de wereld verbreid via de westerse infrastructuur, is er altijd iemand te vinden die zegt: “De christenen waren ook niet veel beter. Denk alleen maar eens aan de kruistochten!”

Goed, dan denk ik een keer aan de kruistochten!

Aan de kruistochten ging een wrede islamitische expansie vooraf. Deze begon in de 7e eeuw. Daarbij werden veel gebieden militair veroverd en de daar levende mensen werden onderwrpen aan de islam. Het kwam tot de kolonisatie van christelijke gebieden door Arabisch-islamitische veroveraars in het Midden-Oosten, in Noord-Afrika en in Italië. Het eiland Sardinië werd veroverd en bij de inval in Rome in het jaar 846 werd o.a. de Sint Pieterskerk verwoest. Spanje en Portugal werden volledig onderworpen door de vroege “Islamitische Staat”. Onder de regeringsperiode van de kalief al-Hakim kwam het in het jaar 1009 tot de verwoesting van de Heilige Grafkerk van Christus, een van de grootste heiligdommen van het christendom.

De eerste kruistocht vond plaats, omdat de Byzantijnse keizer Alexios I. Komnenos om militaire ondersteuning tegen de islamitische expansie verzocht. Op 27 november 1095 riep paus Urbanus II. op de Synode van Clermont de christenen uiteindelijk op tot de kruistocht naar het zogenaamde “Heilige Land”.

Komt ons dat bekend voor? Mensen die om hulp vragen, omdat de “Islamitische Staat” met grenzeloze barbaarsheid woedt en complete volkeren onderwerpt?

Urbanus II. riep ertoe op om de moslims in het Midden-Oosten te verdrijven en de heilige plaatsen van de christenen in Jeruzalem weer in bezit te nemen. Destijds stond de “Islamitische Staat” namelijk niet tegenover het Westen met zijn Verlichte democratieën, maar tegenover het christendom met zijn absolute monarchen. Veel christenen waren destijds minstens zo fanatiek en fundamentalistisch als veel moslims destijds en nu!

Na de inname van Jeruzalem door de christelijke kruisridders in het jaar 1099 werden de gesneuvelden als martelaren gevierd. De kruistocht werd door de christelijke kerk religieus zó opgewaardeerd, dat hij al snel gold als eerzame “boetegang”, die rechtstreeks door God via het woord van de paus verkondigd werd. De deelnemers aan de kruistocht legden zelfs een juridisch bindende gelofte af, net zoals bij een bedevaart. De kruisvaarders waren er heilig van overtuigd voor kerk en God een eervolle dood te sterven in de “heilige oorlog”. Veel christenen destijds waren God-strijders, net zoals veel moslims destijds en nu.

In de kruistochten stonden fundamentalisten tegenover fundamentalisten. Het was een wrede tijd, een chaotische tijd, waarin alle verstandige principes overboord werden gegooid. De chaos in die tijd wordt het duidelijkst omschreven in het stuk “Almansor” van Heinrich Heine.

Het stuk speelt enkele eeuwen na de eerste kruistochten in de 15e eeuw. Het is de periode, waarin door christelijke ridders en kardinaal Mateo Ximenes de Cisneros van de inquisitie een einde werd gemaakt aan de heerschappij van de vroege “Islamitische Staat” in Spanje en Portugal. Het stuk beschrijft indringend de wreedheden van beide kanten in deze godsdienstoorlog en laat zien welke irrationele zaken er in deze oorlog plaatsvonden.

Het meest indringende en bekendste deel in het stuk is een dialoog tussen twee moslims, die zich ontspint, nadat de provocatie van een openbare verbranding van een koran heeft plaatsgevonden:

Almansor: We hoorden dat de vreselijke Ximenes midden op de markt in Granada – ik kan het bijna niet uitspreken – de koran op een brandstapel gooide!

Hassan: Dat was slechts een voorspel, daar waar men boeken verbrandt, verbrandt men uiteindelijk ook mensen.

Het waanzinnige aan deze dialoog is dat Hassan, de moslim, bij wie bij de verbranding van de koran de ergste gedachten opkomen, zelf een wrede Allah-strijder en mensenslachter is. Hij zegt:

“Ik hoorde bij die strijders met hun gloeiende harten die de koude bergen invluchtten. Net zoals de sneeuw daarboven nooit verdwijnt, zo verdween ook nooit de gloed in onze borst; net zoals die bergen nooit wankelen, zo wankelt nooit onze geloofstrouw; en net zoals van die bergen regelmatig rotsblokken naar beneden rollen, alles vernietigend, zo stortten wij ons vaak vanuit die bergen , alles vernietigend, op het christenvolk in het dal; en wanneer ze rochelend stierven, de jongens, wanneer in de verte droevig de klokken luidden met daartussendoor vlagen droevig gezang, dan klonk dat in onze oren zoet als wellust.”

Een man, die het verbranden van boeken bekritiseert, heeft zelf ontelbare mensen afgeslacht. Voor Hassan is het verbranden van de koran een doodzonde, maar het vermoorden van christenen klinkt in zijn oren “zoet als wellust”.

Komt ons dat bekend voor? Radicale islamieten, buiten zichzelf van woede als hun religie beledigd wordt, maar het volkomen acceptabel vinden om in naam van de religie te moorden? De radicale islamieten van nu onderscheiden zich in niets van de radicale islamieten van toen! Het Avondland is echter veranderd. In het Avondland heersen geen absolute, christelijke monarchen meer, maar democratisch gekozen regeringen, die zich tot Verlichting hebben verplicht. Tegenover het kalifaat staat nu geen christelijk rijk meer, maar het Westen, een multicultureel, Verlicht en democratisch complex.

Daarom is de vraag: Hoe zal het Westen zich gedragen?

Natuurlijk kan het Westen niet zoals de christelijke rijken in de middeleeuwen met een gelijksoortige fanatieke kracht tegen de islam ten strijde trekken, dat verbiedt alleen al de kritische Rede van de Verlichting, maar er moet een strategie bestaan om iets tegenover de wereldomvattende heerschappij-wil van de “Islamitische Staat” te plaatsen.

De tijden zijn veranderd, voor het christendom meer dan voor de islam!

Nu nog steeds mag Mekka, een van de heiligste plekken van de islam, alleen maar door moslims worden betreden. In Mekka, net zoals in heel Saoedi-Arabië, wordt afvalligheid van de islam met de dood bestraft. Homoseksualiteit en blasfemie worden eveneens met de dood bestraft. Wie overspel pleegt, wordt gestenigd. Wie seks voor het huwelijk heeft, krijgt zweepslagen. Van dieven worden de hand afgehakt, van rovers een hand en een voet. Al deze straffen behoren tot het repertoire van de “Islamitische Staat”. Stel je eens voor dat dit alles zou plaatsvinden in het Vaticaan, de katholieke tegenhanger van Mekka!

Het christendom van destijds is geschiedenis. De islam van destijds is echter nog steeds onder ons.

We bevinden ons in een kruistocht, met dit verschil dat de islam deze kruistocht voert. Het Westen doet er goed aan om een strategie te ontwikkelen waarmee het met deze bedreiging denkt om te gaan.

***

Vertaald uit het Duits door:
E.J. Bron

Dieser Beitrag wurde unter in het Nederlands veröffentlicht. Setze ein Lesezeichen auf den Permalink.